Opleiden voor de toekomst: hoe praten over onderzoek professionele ruimte creëert

Hanna Westbroek, Bregje de Vries, Wilma Jongejan, Anna Kaal & Iris Pauw, Vrije Universiteit Amsterdam, Universitaire lerarenopleiding

In deze bijdrage houden we een pleidooi voor het verruimen van de blik op onderwijsonderzoek:
naast onderzoek dóen, kan práten over onderzoek de essentie zijn voor het slaan van een effectieve brug tussen onderwijsonderzoek en daarop gebaseerde of daardoor geïnspireerde vernieuwingen in de eigen onderwijspraktijk. Onderwijsonderzoek vormt een belangrijke motor voor vernieuwing. Als lerarenopleiders van de eerstegraads lerarenopleiding van de VU ontwikkelden we een nieuw vak gericht op het leren waarderen en gebruiken van onderwijsonderzoek. Het vak past wat ons betreft in een visie op het leraarschap waarin docenten zelfverantwoordelijk zijn, beslissingskracht hebben, en kennis uit onderzoek gebruiken bij het onderbouwen en uitwerken van hun onderwijs.
In het nieuwe vak staan twee ontwerpprincipes centraal: 1) het maken van een visuele representatie van een representatieve les, en de doelen die de docent-in-opleiding aan de lesonderdelen verbindt (het doelsysteem van een representatieve les); 2) gerichte dialoog
over kwaliteit en praktische bruikbaarheid van onderzoeksartikelen en vakbladartikelen. We gaan eerst kort in op de waargenomen kloof tussen onderwijsonderzoek en onderwijspraktijk, en spitsen dat toe op de vraag wat praktische bruikbaarheid van onderzoek betekent vanuit het perspectief van docenten. Vervolgens laten we zien hoe we dit concept operationaliseren in werken met het doelsysteem. We bespreken vervolgens de twee ontwerpprincipes aan de hand van de casus van Jamila, een docente-in-opleiding Engels. Evaluatiegegevens laten zien dat de docenten-in-opleiding het vak overwegend positief waarderen en dat de leerdoelen over het algemeen behaald worden.

Naar artikel